Capi produceert lichtgewicht plantenpotten, die eruitzien alsof ze van aardewerk zijn gemaakt. Het bedrijf is bekend vanwege reshoring: het terughalen van banen uit lagelonenlanden. "Afnemers hebben liever Made in Holland dan Made in China", zegt eigenaar Toine van de Ven.

Capi begon als eenmanszaak in betonnen en gietijzeren beelden. Twintig jaar later verkoopt oprichter Toine van de Ven zijn luxe potten wereldwijd in zo'n zeventig landen. Hij merkt steeds weer dat Nederlandse producten een goede naam hebben. "Net als Duitsland, is Nederland een merk. Dat realiseren we ons te weinig."

Ongeveer een derde van alle Capi-potten wordt nu in Tilburg geproduceerd. In 2019 moet dat tweederde zijn. Het streven is om op termijn de volledige productie terug te halen uit China. "Dat is geen doel", zegt Toine, "dat is een droom."

China steeds duurder

De ondernemer kiest om tal van redenen voor reshoring. Hij noemt onder meer de fluctuerende dollarkoers, het feit dat China steeds duurder wordt, de betere mogelijkheden in eigen land om het intellectueel eigendom van het bedrijf te beschermen, transportkosten, cultuurverschillen. "De afstand is letterlijk en figuurlijk groot. Hier kan ik zo even de fabriek in lopen." Ook wordt er in de Nederlandse fabriek met de zelf-ontwikkelde manier van rotatiegieten meer dan 50% van de energie bespaard tijdens het productieproces. De potten uit deze lijn zijn ook recyclebaar. Milieubewuster ondernemen staat bij Capi dan ook hoog in het vaandel.

Reshoring betekent meer plaatselijke werkgelegenheid. Er werken momenteel ongeveer dertig mensen in de productie in Tilburg. De gemeente is dan ook blij met werkgevers als Capi, temeer omdat het bedrijf ook werk biedt aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Bij Capi hebben nu acht mensen een baan gevonden die aanvankelijk in dienst waren bij leerwerkbedrijf Diamant-groep. Als het aan Toine lag, zouden alle mensen met een arbeidsbeperking in 'gewone' bedrijven werken. "Uiteindelijk zijn het gewoon Capi-medewerkers, die opgaan in de groep."

Prettig ondernemen in Tilburg

Toine vindt het prettig ondernemen in Tilburg. "Ik beschik hier over alles wat ik nodig heb." Hij noemt de goede infrastructuur, de vele netwerken en de positieve instelling van de gemeentelijke overheid. Eind 2017 is Capi verhuisd naar een gloednieuw pand op het bedrijventerrein Vossenberg II. Het bedrijf is nu twee keer zo groot en beslaat een perceeloppervlak van ruim 38.000 m². De productiecapaciteit van de fabriek, die 24/7 draait, is inmiddels verdubbeld naar 12 robots sinds de verhuizing en zal verdrievoudigen in de toekomst.

Capi-intext1.jpg

Op zijn beurt doet Toine ook graag iets voor de Tilburgse maatschappij. Zo wist hij te voorkomen dat de al jaren in de stad gevestigde boekhandel Gianotten-Mutsaers zijn deuren moest sluiten. Sinds die overname groeit de winkel elk jaar. "Dat is een kwestie van het bedrijf up to date houden en blijven investeren. Dat doe ik met Capi ook."

Die maatschappelijke betrokkenheid heeft hij van zijn moeder meegekregen, vertelt Toine. "Wie goed doet, goed ontmoet. Zij geloofde daar in en ik inmiddels ook." Maatschappelijk verantwoord ondernemen zit ook in het DNA van zijn bedrijf. "Daar staan we in onze markt om bekend. Dat geeft vertrouwen bij onze klanten."

Een goed vooruitzicht

Capi heeft in 2018 van alles naar uit te kijken. Zo vieren ze dit jaar op grootse wijze hun twintigjarig bestaan én de officiële opening van het nieuwe pand. Ook gaan de deuren van hun nieuwe showroom van circa 2000m² open in 2018. Van oude bioscoopstoelen van de Tilburgse MIDI bioscoop tot een grote boomhut; een tour door de showroom van Capi wordt een hele beleving!
Capi-intext2.jpg